GS1 ECR organiseert voor de derde maal de cursus ‘Category Management voor beginners’ in samenwerking met Luc Desmedt (LD & Co). Waarom en hoe GS1 ECR deze service aan haar leden levert, leest u hieronder.
De Nederlandse multi-brand webshop Welikefashion.com gaat internationaal. De online klerenwinkel krijgt meer en meer internationale bestellingen, en voegt daarom meerdere talen en betaalmethodes toe aan de website. Met dank aan die expansie zou de omzet van Welikefashion in 2012 verdubbelen.
In 2003 richtten de zussen Marianne en Barbara van Leeuwen Welikefashion.com op onder de naam ‘Netalsindefilm.nl’. Een naam die niet mis liet verstaan dat de webshop kleding en accessoires wilde aanbieden met een hoog glamour- en catwalkgevoel. Goed gezien, want na een naamsverandering, een vernieuwde website en de benoeming van extern management heeft het bedrijf een hoge vlucht genomen: Welikefashion rekent voor 2011 op een omzet van ongeveer 2,5 miljoen euro, zowat het dubbel van vorig jaar.
Ook in 2012 verwacht Welikefashion.com een verdubbeling van het verkoopcijfer. Dat hoopt de online retailer te realiseren door een meer internationaal publiek aan te boren. Te beginnen bij de Belgen. Wie vanuit België bestelt, betaalt 3,95 euro transportkosten, maar krijgt zijn of haar pakketje normaal gezien binnen een dag thuisgeleverd.
Maar het blijft niet beperkt tot hun zuiderburen. Fashionista’s kunnen vanuit 25 landen bij Welikefashion.com terecht. “Via een button op de homepage is de website gemakkelijk om te zetten naar het Engels. Ook biedt Welikefashion.com passende betaalmethoden aan per land”, leggen de webdesigners van de site uit.
Tweede op het verlanglijstje van Welikefashion is Duitsland. De webshop heeft echter goed begrepen dat dat land een specifieke aanpak vereist. Een Engelse vertaalknop is niet genoeg om in Duitsland succesvol zaken te doen.
Behalve Duitse vertaling van alle tekst, streeft Welikefashion een Duits telefoonnummer en landspecifieke klantenservice en ordervoorwaarden na. Vervolgens zullen de modeliefhebbers kijken hoe ze verder vorm kunnen geven aan hun internationale plannen.
Steeds meer Nederlanders kopen hun schoenen online. Uiteraard heeft dat zo zijn gevolgen voor de schoenenmarkt. Volgens het ING Economisch Bureau zal het aantal fysieke winkels de komende jaren fors dalen.
De Nederlandse schoenenmarkt beleeft harde tijden. Sinds 2010 tekent de sector weer een positieve groei op, al bleef die bij een bescheiden 6%. In het eerste halfjaar zag de schoenenbranche zijn omzet een half procentje stijgen. Voor het volledige jaar 2011 zou dit volgens ING oplopen tot 2%. Wegens de sterke inflatie en stijgende grondstofprijzen, komt de marge echter onder druk te staan.
Verder bezorgt vooral de snelle groei van het online verkoopkanaal de fysieke schoenenwinkels rake klappen. Vandaag is de online retail verantwoordelijk voor amper 5 tot 6% van de totale verkoop, maar gezien de pijlsnelle groei van het kanaal verwacht het ING Economisch Bureau dat het online aandeel in 2015 al 20% zal bedragen. In 2020 zou 1 paar schoenen op 3 via het internet worden gekocht.
Bijgevolg zullen de fysieke retailers het binnenkort zwaar te verduren krijgen. Zeker winkels buiten de stadskernen krijgen het knap lastig, volgens het Economisch Bureau van ING. Ook verwacht de bank dat ketens selectiever moeten worden en daarmee de winkelaantallen zullen slinken.
Consolidatie in de markt zal op den duur onafwendbaar worden. "Drie à vier grote internationale spelers zullen de markt domineren", meent Dirk Mulder, sectorspecialist Handel bij ING.
Als twee honden vechten om één been… kunnen ze evengoed delen. Adidas en G-Star introduceren een vernieuwend concept in de retail: samenwerking. In Nederland slaan de beide kledingmerken de handen in elkaar voor ‘dual-brand stores’.
Vanaf dit najaar zullen Adidas en G-Star in Amstelveen en Amsterdam winkelpanden delen. Retailorganisatie Gebroeders Coster brengt de merken samen in een nieuw concept dat ze ‘Colour-to-Colour’ (of CTC) noemen. De ene helft van het winkelpand zal daarbij voor G-Star zijn, de andere helft voor Adidas.
Enige afbakening is een gele band in het midden van de winkel waar kassa’s en pashokjes te vinden zijn. Alleen in die neutrale zone zullen Adidas en G-Star overigens worden gemengd, bijvoorbeeld op paspoppen en in display's.
Complementaire merken
Van kannibalisme zou volgens de initiatiefnemers geen sprake zijn, omdat de twee merken elkaar aanvullen. Bovendien komen de bedrijven amper in contact met elkaar, aangezien Gebroeders Coster de winkels zelf via een franchiseconcept zal uitbaten.
In september opent de eerste CTC duowinkel in Amstelveen met een oppervlakte van 150m². Daarna volgt een winkel in Amsterdam. Wellicht breidt het concept zich later nog uit naar andere grote steden. Een goede oplossing in deze tijd van schaarse en dure winkelpanden?
Albert Heijn heeft de Belgische smaak te pakken. Letterlijk zelfs: overtuigd van de Belgische culinaire meerwaarde, lanceert de Nederlandse supermarktketen "echte” Belgische mayonaise. Het begin van “meer Belgisch” bij AH?
“We hebben besloten Belgische mayonaise aan ons assortiment toe te voegen omdat er een duidelijk smaakverschil is. In de eerste Belgische AH-winkel te Brasschaat was er vraag naar de eigen soort mayonaise. Ook in Nederland wil men meer en meer de Belgische variant die fijnproevers hebben leren kennen”, verklaart Corné Mulders, topman van Albert Heijn België.
RetailDetail wist de allereerste pot te bemachtigen en deed de smaaktest. Bij Frituur Patatje op Antwerpen Linkeroever waren ze het roerend eens: de Belgische mayonaise van Albert Heijn smaakt “echt Belgisch”. En daarmee bedoelen ze: wat zuurder met tegelijk een meer zoete bijsmaak. Beduidend anders dan de mayonaise die tot nu toe in de Nederlandse winkelrekken te vinden is.
In plaats van die leemte in het aanbod echter te vullen met een Belgisch merkproduct, brengt Albert Heijn de mayonaise uit onder het eigen huismerk. In het debat tussen de huismerken en de A-labels – zoals dat door de sectorleiders en RetailDetail op 9 september gevoerd zal worden – lijkt AH daarmee zijn geloof in eigen merken te bevestigen.
Voor de producent belooft het “echt Belgische” sausje alvast een interessante uitbreiding van de afzetmarkt te zijn: het grootste deel van de Belgische mayonaise is natuurlijk bestemd voor de 830 Nederlandse AH-winkels. Gezien die schaalgrootte en het Bourgondische imago van de Belgen bij de noorderburen, zijn de mogelijkheden voor “meer Belgisch” bij AH bovendien talrijk.
Corné Mulders wil nochtans niet gezegd hebben dat er een Belgische lijn aankomt: “Er zijn natuurlijk een aantal producten waarvoor het interessant zou zijn een Belgische variant te introduceren. We sluiten niet uit dat er in de toekomst meer komt, maar op dit moment blijft het toch gewoon bij de mayonaise.”
Vanaf volgende week ligt de Belgische mayonaise in de winkelrekken van de Albert Heijnvestiging in Brasschaat, enkele weken later wordt ze verdeeld in de winkels in Nederland.
Consumenten weten heel goed wat ze zullen kopen nog voor ze een voet in de supermarkt zetten. Veel van de in-store marketinginspanningen die FMCG-producenten doen, gaan dan ook hopeloos verloren. Tot die conclusie kwam het bedrijf achter de befaamde Campbell Soup na een uitgebreid onderzoek in de Verenigde Staten.
Zeker 80% van de aankoopbeslissingen zou al gebeuren nog voor de consument de supermarkt binnenstapt. De studie van Campbell Soup Company maakt daarmee een eind aan het wijdverspreide geloof dat de klant nog 70% van zijn keuzes op de winkelvloer maakt.
Als de Noord-Amerikaanse vaststellingen kloppen, en deze ook naar het Europese continent kunnen worden doorgetrokken, heeft dit belangrijke consequenties op het gebied van shopper marketing. FMCG-producenten investeren vandaag nog steeds veel in beïnvloeding op de winkelvloer door middel van opvallende displays, kortingen en andere lokmiddelen.
Volgens Phil McGee, directeur ‘Shopper Insights’ van Campbell Soup Company, moet winkelmarketing al veel eerder in actie komen. De focus moet buiten de eigenlijke supermarkt komen te liggen. "Er zijn niet enkele, maar ontelbare ‘moments of truth’," verklaart McGee. "Zelfs wanneer consumenten zelf denken niet bezig te zijn met hun toekomstige aankopen, overwegen ze onbewust wat ze bijvoorbeeld die avond zullen eten."
Toch wil de soepproducent niet gezegd hebben dat marketing op de winkelvloer niet van belang is. Aangezien de consument slechts 1% van alle stimuli opvangt die het in de winkel krijgt, is het bijzonder belangrijk net bij die ene procent te horen die de aandacht vangt. "Van al onze categorieën die bovendien de blik vangen, krijgt meer dan de helft slechts één oogopslag," voegt de category manager toe. Het is daarom cruciaal dat producten kristalheldere en zeer selectieve boodschappen uitsturen.
Opvallend is ook dat volgens Campbells onderzoek prijzen van alle stimuli maar weinig aandacht krijgen in de winkelrekken. Volgens de analyse zouden consumenten op basis van prijsoverwegingen vooral de winkel kiezen. Eenmaal ze ter plaatse zijn, letten ze niet meer zo op de geafficheerde prijzen. In hun hoofd hebben ze al een prijskeuze gemaakt door voor een bepaald retailenseigne te kiezen.
Context is bovendien ontzettend bepalend voor wat in het winkelkarretje belandt. De Amerikaanse onderzoekers onderscheiden vooral de "proximiteit tot consumptie", wat zoveel betekent als hoe ze snel men van plan is het gekochte op te eten. Wie voor een langere tijd inkopen doet – zoals weekinkopen, zal idealistischer kopen. Zaken als gezondheid, prijs en nutritionele waarden zullen sterker doorwegen. Wie op korte termijn rekent te consumeren, ambieert – logischerwijze – voornamelijk onmiddellijke behoeftebevrediging en laat zich sneller verleiden.
Campbells uitvoerige onderzoek werd gevoerd onder volwassen inwoners van de Verenigde Staten in liefst acht verschillende fases. De studie onderzocht het volledige pad dat de consument aflegt tot de aankoop. Om een volledig beeld te kunnen krijgen van wat de consumenten bepaalt en beïnvloed bij hun beslissingen, werden alle participanten zo nauw mogelijk gevolgd in alle praktische facetten van hun dagelijkse leven. Zelfs hun oogopslagen werden telkenmale getraceerd.
Nederlandse modegroothandel en retailer The Hilt, het huis achter modemerken Rags Industry en Blue Rebel, werd op 19 juli failliet verklaard. Echter, alles wijst erop dat het bedrijf toch nog een investeerder heeft gevonden. Op die manier zal The Hilt weldra een doorstart kunnen maken.
Op 12 juli 2011 werd The Hilt uitstel van betaling aan schuldeisers verleend. Precies een week later verliep deze echter al en is het faillissement uitgesproken over het groot- en kleinhandelsbedrijf. Ondertussen werd druk gezocht naar investeerders. Eén partij toonde zich bereid het failliete modehuis van de ondergang te redden. Volgens eigenaar Hans Nooij zijn de laatste onderhandelingen afgerond en zou vandaag nog de eindbeslissing vallen.
The Hilt, dat vijftien jaar bestaat en zich vooral op groothandel toespitst, produceert vooral kinder- en tienerkledij. Het doet dit onder de labels Rags Industry, het jeansmerk Blue Rebel en tot dit voorjaar ook onder kindercollectie Eager Beaver. Met eigen kantoren in Nederland, België en Duitsland, worden Rags Industry en Blue Rebel in respectievelijk tien en zes landen verdeeld.
Een week nadat een verbolgen Media Markt-klant de Nederlandse pers haalde toen bleek dat zijn zogenaamd nieuwe computer een tweedehandsexemplaar was, geeft operationeel directeur John Traas publiekelijk toe dat een "ernstige fout" werd gemaakt. De elektronicaketen belooft beter te zullen communiceren wat tweedehands is en wat nieuw.
Een Nederlandse man die recent een laptop kocht bij Media Markt vond daarop belastingsdocumenten en andere persoonlijke data van een vorige eigenaar. Deze laatste had de computer binnengebracht voor een herstelling, waarbij de Media Marktvestiging hem had gezegd dat het toestel niet meer te repareren viel en een nieuw exemplaar meegaf. Blijkbaar werd de computer toch nog hersteld en opnieuw in de winkel geplaatst.
De Telegraaf heeft naar aanleiding van het incidenten tientallen klachten weten te verzamelen van klanten die iets soortgelijks overkwam. Veelal ging het om zogezegd nieuwe producten waarop al foto’s, muziekbestanden en aangemaakte wachtwoorden van eerdere gebruikers werden aangetroffen. Soms waren de sporen evenwel subtieler, zoals batterijen die reeds in het toestel zaten of beschermlaagjes die al van displays waren gehaald.
Volgens John Traas klopt het dat geretourneerde en herstelde apparaten bij Media Markt kunnen terugkeren in de winkel als showroommodellen. Als zij echter verkocht worden, wordt het toestel normaliter helemaal leeggemaakt en wordt duidelijk gecommuniceerd dat het om een gebruikt product gaat.
Als dit niet geval was in de voornoemde gevallen, gaat het om een ernstige fout vanwege Media Markt, aldus de operationeel directeur in De Telegraaf. De keten wil daarom in het vervolg beter communiceren over geretourneerde artikelen. Het interne proces zal daartoe worden verbeterd.
Vandaag rollen bij het Nederlandse overheidsmeldpunt Consuwijzer bijna evenveel klachten binnen over webshops als over fysieke winkels. Dat is een significante stijging van het aantal klachten over online winkels, concludeert Consumentenautoriteit in een halfjaarlijks rapport.
Wederkerende klachten zijn onder meer dat webshops bestellingen te laat leveren, niet of slecht reageren op klachten van klanten en weigeren een teruggezonden product terug te betalen. Nochtans is speciaal voor dat laatste probleem in de nieuwe Europese consumentenrichtlijn een verplichte bedenktijd van twee weken opgenomen.
Eén van de belangrijkste oorzaken is dat het oprichten van webwinkels nog steeds erg weinig gereguleerd is. Iedereen kan zomaar een online shop starten. Als er dan iets misgaat, kunnen de consumenten nergens terecht en voelen ze zich machteloos, beseft de Consumentenautoriteit. Wat ook de credibiliteit van het online verkoopkanaal in zijn geheel beduidend schaadt.
Toch is het stijgend aantal klachten ook gewoon een logisch gevolg van de groeiende populariteit van online winkelen. Het aantal online bestellingen steeg in 2010 volgens data van Thuiswinkel.org met 11%. Webshops zouden daarmee een totale omzet van €8,2 miljard hebben behaald in Nederland.
In een dermate snel groeiende markt is het vanzelfsprekend dat een aantal kinderziekten nog de kop opsteken. Zo werd eind juni in het Europees Parlement een strengere consumentenrichtlijn goedgekeurd voor online verkoop en wordt volop gewerkt aan eenduidige kwaliteitslabels voor internetwinkels.
Consumentenautoriteit roept online shoppers van zijn kant op zich goed te informeren vooraleer ergens te kopen en engageert zich ertoe webshops scherper in het oog te houden.
Het verrast eigenlijk niemand meer dat Apple de verwachtingen het afgelopen kwartaal weer heeft verpletterd. Zowel de winst als de cashvoorraad van de electronicareus verdubbelden en het bedrijfsresultaat steeg 82%. Nochtans kwam Apple de voorbije drie maanden niet met een noemenswaardig nieuw product op de proppen.
iPhones en iPads nemen nog steeds het grootste deel van de groei voor hun rekening, met 20,3 miljoen verkochte iPhones en 9,25 miljoen iPads. Terwijl Apples omzet door analisten werd geschat op $25 miljard (€17,6 miljard), kwam die uit op $28,6 miljard (€22,2 miljard). De nettowinst bedroeg €5,16 miljard.
Het Verre Oosten blijkt voor Apple een fenomenale groeiregio, met een omzetstijging van liefst 247% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Thuismarkt VS blijft weliswaar veruit de belangrijkste afzetmarkt voor het elektronicabedrijf, goed voor een kwartaalomzet van €7,16 miljard.
Ook de retailactiviteiten van Apple doen het goed. De winkels van Apple haalden in het kwartaal van april tot juni met dank aan 73,7 miljoen bezoekers een omzet van €2,47 miljard, wat €585,5 miljoen winst opbracht. Gemiddeld draaide Apple per winkel een omzet van €7,6 miljoen, al vallen die verkoopcijfers wat ‘bleker’ uit naast het recordgemiddelde van €8,5 miljoen tijdens de eindejaarsperiode.
Naar aanleiding van de komst van de iPhone 5 in september, wil Apple stunten met liefst 30 nieuwe winklelopeningen voor het eind van het derde kwartaal. Gezien Apples exponentiële groei in Azië zal de klemtoon vooral op winkelopeningen aldaar liggen. Zo krijgt Hong Kong nog voor eind september een eerste Apple Store. Ook China wordt volgens Apple een sleutelmarkt die nog veel meer aandacht verdient.
De eigen winkels zijn volgens Apple een sterk bindmiddel voor de klant en maken zelfs de informaticagigants aanwezigheid op toonaangevende technologiebeurzen overbodig.
| Copyright 2009-2011. Retail Detail BVBA. Alle rechten voorbehouden. Website: NILMEDIA. |