Brazilië wil Belgische en Nederlandse friet wegbelasten

Brazilië wil Belgische en Nederlandse friet wegbelasten

Brazilië zou nog deze maand een tijdelijke antidumpingtaks kunnen opleggen voor ingevoerde diepgevroren frieten. Die heffing zou vooral de Nederlandse en Belgische producenten van aardappelproducten treffen.

Belangrijke afzetmarkt

Brazilië is een belangrijke markt voor de Nederlandse en Belgische aardappelverwerkers. Vorig jaar zette de Nederlandse industrie er zowat 83.000 ton aan diepvriesproducten af, wat overeenstemt met 166.000 ton aardappelen. Na Argentinië was Nederland daarmee de grootste uitvoerder in het land. België volgde met een volume van 71.000 ton, goed voor 142.000 ton aardappelen. In totaal werd in België in 2015 net geen 4 miljoen ton aardappelen verwerkt tot gekoelde en diepgevroren friet, pureeproducten, chips, voorgekookte aardappelen, vlokken en granulaten.

 

De sterke invoer was echter niet naar de zin van de lokale producent Bem Brasil Alimentados. Die produceert momenteel zowat 79.000 ton op jaarbasis, maar heeft plannen voor een uitbreiding met 115.000 ton. Bem beschuldigde de Europese invoerders – naast Nederlandse en Belgische gaat het ook om Fransen en Duitsers – ervan om hun producten tegen dumpingprijzen op de Braziliaanse markt te hebben afgezet. De Brazilianen wijzer erop dat de prijzen in de periode van juli 2014 tot juni 2015 immers 18% tot 41% onder de tarieven lagen die de producenten aanrekenden voor export naar het Verenigd Koninkrijk. Voor België zou het gaan om een verschil met bijna 25%.


Europeanen verweren zich

De Europese aardappelproducenten wijzen de beschuldiging af. Volgens hen is de klacht ingegeven door een poging om de lokale productie te beschermen. Hoewel het onderzoek nog loopt, kan Brazilië beslissen om een tijdelijke antidumpingtaks op te leggen die de invoerprijs met 40% kan doen stijgen, waardoor de Europese diepvriesfrieten uit de markt worden geprijsd.

 

De Europese aardappelindustrie bekijkt nu de verweermogelijkheden. Een ervan is de oprichting van een belangenvereniging met lokale betrokkenen als invoerders, retailers en verwerkers. Zij kunnen wijzen op het belang van de invoer voor de lokale bevolking. Bijvoorbeeld door te benadrukken dat een extra invoerheffing de prijzen kan doen stijgen, waardoor de inflatie wordt aangewakkerd.