“Jeansbroek eigenlijk 33 euro te goedkoop”

Uit onderzoek van het Impact Institute en de Nederlandse bank ABN Amro blijkt dat een retailer bijna 33 euro meer zou betalen voor een spijkerbroek als de verborgen kosten in rekening zouden zijn gebracht.

 

‘True price gap’

Onderzoekers van het Impact Institute hebben de productieketen van een spijkerbroek doorgelicht: van katoenplantages en weverijen in India via confectieateliers in Bangladesh tot en met het transport naar de Europese afzetmarkten. Op basis daarvan berekenden zij de zogeheten ‘true price gap’, zeg maar het verschil tussen de inkoopprijs die retailers betalen en de échte totale productiekosten, inclusief milieukosten en de impact op de (lokale) samenleving. Deze kosten, zoals watervervuiling, waterverbruik en ongeoorloofde arbeidspraktijken (denk aan kinderarbeid of onbetaalde overuren), worden nu niet betaald.

 

Zoals te zien is in bovenstaande grafiek, bedraagt de ‘true price gap’ voor een jeansbroek bijna 33 euro. Op basis van de huidige productiemethoden en -verloning zou de inkoopprijs van een jeans dus bijna 33 euro hoger moeten liggen dan nu het geval is om alle veroorzaakte directe sociale- en milieuschade te compenseren.

 

1/3 milieu, 2/3 sociale kosten

De grootste externe kosten worden veroorzaakt bij de teelt van katoen en de verwerking ervan tot denimtextiel. Meer dan de helft van de externe kosten in de katoenteelt zijn milieukosten, die samenhangen met het verbruik van schaars water en de vervuiling ervan. In de denimtextielproductie en de spijkerbroekenproductie voeren echter sociale externe kosten de boventoon. Bij de productie in India is dat voornamelijk te wijten aan wijdverbreide gedwongen arbeid, kinderarbeid en onderbetaling in de hele waardeketen.

 

De productie van jeans uit denimtextiel in de Bengaalse confectieateliers brengt dan weer sociale kosten mee die vooral toe te schrijven zijn aan intimidatie en onderbetaling van de werknemers. Per spijkerbroek zijn deze externe kosten echter relatief laag vanwege de beperkte arbeidstijd die nodig is in deze fase van de productie. En nog opmerkelijk: in het totale plaatje zijn de transportkosten verwaarloosbaar.