Bel&Bo-eigenaar waarschuwt voor “ongeziene tsunami”

Bel&Bo, de kledingketen van de West-Vlaamse familie Delfosse, belandde vorig boekjaar voor het eerst in de rode cijfers. “Ik zit 35 jaar in het vak en de tsunami die de sector nu treft, heb ik nog nooit gezien”, zegt CEO Michel Delfosse.

 

Plafond bereikt

In een openhartig gesprek met zakenkrant De Tijd laat de 60-jarige topman van Bel&Bo zich niet van zijn meest optimistische kant zien. In het voorbije boekjaar, dat liep tot eind januari, boekte het vroegere Promo Fashion’ voor het eerst een nettoverlies: 272.000 euro. Operationeel was er nog een bescheiden winst van 104.000 euro op een omzet van 76,9 miljoen euro.

 

Ook het lopende boekjaar wordt geen toppertje: “De verkoop per winkel daalt en dus moeten we maatregelen nemen. Ik zit 35 jaar in het vak en de tsunami die we sinds twee jaar zien heb ik nog nooit meegemaakt.” Al blijft Delfosse wel hoopvol: “Het huidige boekjaar loopt op zijn einde en we hopen dat we dit jaar weer break-even zijn. We zullen zien.”

 

Jarenlang opende Bel&Bo elk jaar vijf nieuwe winkels. Die tijden zijn echter voorbij: “Ik hoop dat we ons aantal winkels in de komende jaren stabiel kunnen houden. We gaan wellicht twee tot drie winkels sluiten, maar denken er ook aan ergens anders twee nieuwe te openen.”

 

Groeiende concurrentie en e-commerce

Over de verklaring moet Delfosse niet lang nadenken: er is de groeiende concurrentie (“Tegenwoordig is iedereen een concurrent, want mensen gaan overal shoppen”), terwijl het koopgedrag van de consument verandert: “Mensen geven minder uit aan kleding en meer aan reizen en entertainment.”

 

Bovendien: “De strijd om de laagste prijs win je niet meer.” Daar zit het internet voor veel tussen: “E-commerce is een buitenlandse concurrent die binnenkomt in een land dat er niet op voorbereid is”, klinkt het in de zakenkrant. Delfosse roept de overheid op om goed na te denken: “De internetbedrijven betalen niet veel belastingen en krijgen alle faciliteiten. België moet kiezen: ofwel buitenlandse bedrijven bevoordelen ofwel bedrijven die in eigen land belastingen betalen steunen.”

 

Samenwerken een must

Voor de Belgische kledingsector verwacht Delfosse nog een “ferme opschudding. Hier zal hetzelfde gebeuren als in Nederland. Daar verdween een derde van de schoenenverkopers, maar de overblijvers groeien ondertussen opnieuw.”

 

Om te overleven, zit er volgens de CEO maar één ding op: de handen in elkaar slaan. “Wij staan ervoor open om samen met iemand anders kleding te kopen en zo de kosten te verlagen. We moeten reageren op de consolidatie in de sector.” Zelfs al betekent dat je eigen zelfstandigheid (deels) opgeven: “We willen het bedrijf in de familie houden, maar de markt verandert zo hard dat ik niet uitsluit dat een samenwerking met een sectorgenoot op termijn een impact heeft op ons aandeelhouderschap.”